‘t Schrijverke

Natuurgebied Leiekant- ’t Schrijverke.
Oorspronkelijk was een groot deel van de Leievallei bestemd tot industriegebied. Dankzij acties van vele inwoners in de streek onder de leiding van de lokale Markse Natuurwerkgroep heeft de Vlaamse Overheid een groot deel omgezet in Natuur- en landbouwgebied.

  1. De evolutie.
    1.1.         Van werkgroep tot Natuurpunt

    In de jaren 1989 werd de werkgroep ’t Schrijverke Marke opgericht. Deze werkgroep stond in voor het verwerven van gronden en het aanplanten van struiken en bomen. Deze pioniers hebben er voor gezorgd dat de Leievallei, kant Marke, niet volgebouwd is met industriële gebouwen, zoals aan de kant van Wevelgem.
    In 2004 is er een fusie gekomen tussen de werkgroep ’t Schrijverke en Natuurpunt. Natuurpunt Kortrijk nam de contracten over en stond vanaf toen in voor de verder ontwikkeling en het beheer  van het natuurgebied.
    Natuurpunt stelde in 2004  Bert Van Dierdonck aan als terreinbeheerder.

1.2.       1989  tot heden
De eerste realisaties van de werkgroep ’t Schrijverke waren belangrijk: het in beheer nemen van de oude Leiearm, eigendom van W&Z (Agentschap Waterwegen en Zeekanaal van de Vlaamse Overheid). Deze Leiearm kreeg de naam “het Schrijverke”.

Foto: schrijvertje (Knight)

In 2000 werd een eerste perceel grond aangekocht. (het Struweel) door de Markse Natuurwerkgroep.

Door het struweel krijgt het oppervlaktewater komende van de firma Vandewiele en van de oude kleiput ( eigendom van de firma Lavatra) de vrije loop.  De stroming van het water brengt veel erosiemateriaal in het benedengebied van het Struweel. Een vroeger aangelegde poel is volledig dicht geslipt.
In diezelfde periode werd een eerste aanzet gegeven tot verbinding van de gebieden – Oude Leiarm ’t Schrijverke en het Struweel – door het in beheer nemen van de spoorwegberm vanaf het struweel tot aan de Leieweg.  Dit stuk is op heden niet meer in beheer van Natuurpunt, hoewel het nog wordt meegenomen in het verhaal van het natuurgebied.
De werkgroep ‘tSchrijverke zorgde ook voor de eerste stappen in de inrichting van het gebied, ter hoogte van het Schrijverke werd een haag aangeplant en een bosje gecreëerd, vele Markenaren hebben hieraan meegewerkt.

In 2004 is werkgroep ’t Schrijverke gefusioneerd met Natuurpunt Kortrijk, de eigendom en het in beheer genomen terrein werden overgedragen aan Natuurpunt.
Natuurpunt stelde een terreinbeheerder aan die de verder ontwikkelingen en het beheer onder zijn hoede kreeg. Dit gebeurt in overleg met de Kortrijkse afdeling en de werkgroepen. 

In 2006 werden de gronden gekocht van het failliet verklaarde bouwbedrijf Degroeve.  Het betrof 2 stukken grond: een eerste stuk sloot aan op de in beheer genomen oude Leiearm een ruigte-gebied. Een tweede gebied was het bovengedeelte van de weide aan de Leieweg.

In 2008 is het ontbrekende gebied in de Leieweg (toen in eigendom van Johnny Nuttin) aangekocht, met als resultaat een aaneengesloten natuurgebied. (Info leiekant ‘t Schrijverke, 2016, p. 4, Van Dierdonck )

In 2012 is het resterende gedeelte van de weide tussen de Leieweg en het struweel aangekocht. De eigenaar was het OCMW van Kortrijk.

Leiekant- ’t Schrijverke, gebied beheerd door Natuurpunt Kortrijk is op vandaag (januari 2016) een 6,8 ha groot.

Oude leiearmen (Carlier, Overzichtskaart Leievallei Marke, 2016

Donker groen : Leiekant – ’t Schrijverke
Groen: gronden met bestemming Natuurgebied.
Rood: Twee bekenwandelroute

1.3.          Vlaamse erkenning
In 2008/2009 is er een dossier ingediend bij de Vlaamse Overheid om het natuurgebied te laten erkennen. Sinds 29/05/2013 is een deel van het gebied erkend natuurgebied (zie figuur 3) tot 28/05/2040 (AGIV, 2015).

Erkend natuurreservaat (Carlier, 2016)

2.    De inrichting van het natuurgebied. 

In 2010 werd er door Leiedal, in opdracht van de provincie West-Vlaanderen,  een inrichtingsstudie opgemaakt voor de Leievallei Marke-Bissegem. Bij deze studie is men vertrokken vanuit het landschap. Het gebied werd ingedeeld is in verschillende deelgebieden (zie kaart):

  • Deelgebied 1: oude Leiearm ’t Schrijverke ( zie 2.1)
  • Deelgebied 2: ruigte (zie 2.2)
  • Deelgebied 3: weide (zie 2.3)
  • Deelgebied 4: struweel (zie 2.4)
Verschillende deelgebieden (Carlier, 2016)

Voor elk van bovenstaande deelgebieden werden natuur-doelstellingen geformuleerd die zowel op korte termijn als op lange termijn gerealiseerd kunnen worden. Zo stelt men voor elk gebied doelsoorten voorop (m.a.w. een habitat zodanig herstellen en/of ontwikkelen dat de doelsoort er een thuis of biotoop heeft) zodat de fauna en flora zich optimaal kan ontwikkelen.

2.1.         Oude leiearm ’t Schrijverke
De Oude Leiearm is een afgesnoerde meander van de oude Leie. Tegenwoordig ondergaat deze een langzame verlanding. Er is een goed ontwikkelde aangeplante houtwal met aan de voet een rietgordel.

Doelsoorten:

Doelstellingen:

  • Verlanding van de oude Leiearm tegengaan.
  • Inrichting van de driehoekige weide als moerasgebied.
Oude Leiearm (Carlier 2016)

2.2.         Ruigte
Het Europese Corrid’or project, maakte het mogelijk dat de Leiekant – ’t Schrijverke Marke een rust- en onthaalplaats kreeg, deze vinden we op het einde van de Leieweg rechts. Een mooie bank en een insectenhotel zijn 2 kenmerken van de rustplaats.

De ruigte die zich achter de rust- en onthaalplaats bevindt, heeft een eigen microklimaat door de aanwezigheid van vele stenen, de beschutting door de houtwal aan de kant van de Leie en door het kleinschalig karakter van het gebied. Het vormt een biotoop voor heel wat planten en dieren, niet in het minst hagedissen, paddenstoelen, enz. We vinden er de levendbarende hagedis.

2.3.         Weide
In de weide onderscheiden we een hoger gedeelte (met spoorwegberm) en een lager gedeelte  De delen zijn te onderscheiden door de knikken in het reliëf die doen denken aan graften[1] waarvan de vegetatie verdwenen is. Deze vegetatie willen we op termijn terug aanplanten.

De hoger gelegen delen zijn heel wat droger dan de zone dichtbij de Leie. Hier wordt een biotoop ontwikkeld voor de “sleedoornpage” door de aanplant van sleedoorn en solitaire eiken.

In de lager gelegen vochtige weide (dankzij ondiep grondwater, vlekken met kwel[2]) willen we de Pinksterbloem in zijn volle schoonheid terug krijgen. Deze is op vandaag reeds beperkt aanwezig. De pinksterbloem vormt de kroon in een biotoop die gekenmerkt wordt door voedselarme vochtige hooilanden. De weide wordt daarom niet meer bemest, waardoor we een langzame verschraling zien. Bovendien is er in de weide ook een aangepast distelbeheer.

Het plan ooievaar zorgde ervoor dat in de weide de eerste ooievaarspaal langs de Leie werd geplaatst.

 

Doelsoorten:

2.4.         Struweel
Het struweel is een met struiken en bomen begroeid perceel. Het vormt een onderdeel van het biotoop voor de sleedoornpage. Aan de randen van het perceel is extra sleedoorn aangeplant.

In het laagste deel van het struweel situeert zich een dichtgemaakte Leiemeander, die doorloopt in de weide rechts en links van het struweel.

Doelstellingen:

  • Oude leiemeander uitdiepen in 2016 om zo een zompige weide te ontwikkelen met een moerasvegetatie
Struweel (Carlier, 2016)
Struweel (Carlier, 2016)

2.5.          Concrete inrichtingsprojecten.

  • 2012: inrichting poel op het bovenste gedeelte van de weide (dankzij investeringen van de provincie West-Vlaanderen).
Poel (Carlier, 2016)

2013-2014: in het kader het Europees Interreg project (Corridor-project, 2014) is de rust- en onthaalplaats uitgetekend en aangelegd (einde Leieweg) met een “herkenbare bank” (die kan je terugvinden op verschillende plaatsen langs de Leie), een poel en beplanting (dankzij investeringen van de provincie, Stad Kortrijk en Europa).

Onthaal- en rustpunt (Carlier, 2016)

 

  • Juni 2015: de eerste ooievaarspaal (Fout! Verwijzingsbron niet gevonden. Natuurpunt plaatst ooievaarspaal) langs de Leie kreeg een plaats in het Natuurgebied Leiekant-’t Schrijverke (een samenwerking tussen diverse partners, vrijwilligers en lokale sponsoren. We verwijzen hierbij graag naar de leden van de vogelwerkgroep Zuid-West-Vlaanderen).
Ooievaarspaal gemaakt door Johnny Nuttin (Santy, 2015)
  • 2015: Opname van het natuurgebied in het recreatieve wandelnetwerk “de Twee-bekenwandelroute” dat het OC van Marke verbindt met het OC van Bissegem. De trage wegen worden hierbij opgewaardeerd via naamgeving en onderhoud.

[1] Graft = Een steile aarden wal in een veelal hellend terrein, opgeworpen om de erosie te bestrijden en daarom begroeid met struikgewas (Encyclopedie, 2016).

[2] Kwel = het uittreden van grondwater, opwaartse stroming van grondwater eindigend aan het oppervlak (Encyclopedie, 2016).